Siliconen cups versus vacuümcups: wat is het verschil?

Siliconen cups versus vacuümcups: wat is het verschil?

Siliconen cups en kunststof vacuümcups behoren tot de meest gebruikte hulpmiddelen voor dry cupping. Beide werken volgens hetzelfde basisprincipe: onder de cup ontstaat een lagere druk dan de omgevingsdruk, waardoor de huid gedeeltelijk omhoog wordt getrokken. Toch werken beide systemen in de praktijk heel anders.

Siliconen cups worden meestal met de hand ingedrukt en zijn flexibel. Kunststof vacuümcups worden doorgaans met een pomp vacuüm gezogen en zijn stijver. Daardoor verschillen ze in:

  • dosering;
  • gebruiksgemak;
  • bewegende technieken;
  • controle over het vacuüm;
  • reiniging.

Welke cup het beste is, hangt vooral af van de toepassing.

Hoe werkt een siliconen cup?

Een siliconen cup is gemaakt van flexibel materiaal. De cup wordt meestal:

  • met de hand ingedrukt;
  • op de huid geplaatst;
  • losgelaten.

Wanneer de cup probeert terug te keren naar zijn oorspronkelijke vorm, ontstaat negatieve druk. Hoe sterk de zuigkracht is, wordt onder andere beïnvloed door:

  • hoe ver de cup wordt ingedrukt;
  • de stevigheid van het materiaal;
  • de grootte en vorm van de cup;
  • de lichaamsregio;
  • hoe goed de rand op de huid afsluit.

Siliconen cups hebben geen pomp nodig. Ze kunnen zowel worden gebruikt voor:

  • statische cupping;
  • bewegende cupping.

Vooral bij massage cupping zijn siliconen cups populair.

Hoe werkt een pomp- of vacuümcup?

Een vacuümcup is meestal gemaakt van stevig kunststof en heeft een ventiel. De cup wordt op de huid geplaatst. Vervolgens wordt met een handpomp lucht uit de cup gezogen. Hierdoor ontstaat negatieve druk. De therapeut kan vaak:

  • één keer pompen;
  • meerdere keren pompen;
  • het vacuüm stapsgewijs verhogen.

De cup blijft vervolgens op zijn plaats totdat het vacuüm wordt opgeheven. Pompgestuurde cups worden vooral gebruikt voor:

  • statische cupping;
  • behandeling met meerdere cups tegelijk;
  • toepassingen waarbij de therapeut meer controle wil over de opbouw van het vacuüm.

Verschil in vacuüm

Beide systemen creëren negatieve druk, maar op een andere manier. Bij een siliconen cup ontstaat het vacuüm door de elastische terugvering van het materiaal. Bij een pompgestuurde cup ontstaat het vacuüm doordat lucht actief uit de cup wordt verwijderd. Dat heeft praktische gevolgen. Bij een siliconen cup hangt de negatieve druk sterk af van:

  • de handmatige compressie;
  • de eigenschappen van het materiaal.

Bij een pompgestuurde cup kan het vacuüm meestal stapsgewijs worden opgebouwd. Dat betekent echter niet automatisch dat een vacuümcup therapeutisch effectiever is. De hoeveelheid negatieve druk is slechts één onderdeel van de behandeling. Ook belangrijk zijn:

  • behandeltijd;
  • cupgrootte;
  • lichaamsregio;
  • huidgevoeligheid;
  • statische of bewegende toepassing.

Verschil in dosering

Dosering is een belangrijk verschil tussen beide systemen.

Siliconen cups

Bij siliconen cups wordt de dosering meestal bepaald op gevoel. De therapeut leert door ervaring hoeveel de cup moet worden ingedrukt om:

  • lichte;
  • middelmatige;
  • sterkere

zuigkracht te creëren. Dit is praktisch, maar minder eenvoudig te standaardiseren. Twee therapeuten kunnen dezelfde siliconen cup op een verschillende manier indrukken en daardoor een andere negatieve druk creëren.

Pompgestuurde vacuümcups

Bij vacuümcups kan de zuigkracht stapsgewijs worden opgebouwd door vaker te pompen. Dit maakt de toepassing praktisch beter reproduceerbaar. Maar ook hier geldt een belangrijke beperking:

één keer pompen is geen universele wetenschappelijke eenheid van negatieve druk.

De daadwerkelijke druk kan afhangen van:

  • het pompsysteem;
  • de cup;
  • de afsluiting op de huid;
  • het volume van de cup.

Voor exacte dosering is een systeem met een daadwerkelijke drukmeting nodig. Daarom is ook bij pompgestuurde cups observatie van de patiënt en de huid belangrijk.

Verschil in bewegende technieken

Hier hebben siliconen cups meestal een duidelijk praktisch voordeel. Bij massage cupping wordt de cup over de huid bewogen. Daarvoor moet de cup:

  • gemakkelijk vast te pakken zijn;
  • enigszins kunnen vervormen;
  • soepel kunnen worden verplaatst.

Siliconen cups zijn hiervoor meestal goed geschikt. Met een passend glijmiddel kan de cup over de huid worden bewogen terwijl de negatieve druk behouden blijft. Pompgestuurde kunststof cups zijn meestal ontworpen om op één plaats te blijven staan. Door hun:

  • stijve materiaal;
  • ventiel;
  • vorm

zijn ze doorgaans minder praktisch voor bewegende technieken. Daarom geldt in de praktijk vaak:

siliconen cups voor dynamische technieken, pompgestuurde cups voor statische technieken.

Dit is geen absolute regel, maar wel een bruikbaar uitgangspunt.

Verschil in gebruiksgemak

Siliconen cups zijn eenvoudig. Er is geen:

  • pomp;
  • slang;
  • ventielsysteem

nodig. De therapeut kan een cup snel plaatsen, verwijderen en opnieuw positioneren. Dat maakt siliconen cups praktisch voor:

  • korte behandelingen;
  • massage cupping;
  • dynamisch werken;
  • het snel aanpassen van de behandelplaats.

Pompgestuurde vacuümcups vragen iets meer handelingen. De cup moet worden:

  • geplaatst;
  • aangesloten op de pomp;
  • vacuüm gezogen.

Wanneer meerdere cups worden gebruikt, kost het plaatsen meer tijd. Daar staat tegenover dat de cups vervolgens gemakkelijk langere tijd statisch kunnen blijven staan. Voor een behandeling met bijvoorbeeld meerdere cups op de rug kan dit juist praktisch zijn.

Verschil in reiniging

Reiniging is bij iedere vorm van cupping belangrijk. De exacte reinigingsmethode hangt af van:

  • het materiaal;
  • het ontwerp;
  • de instructies van de fabrikant;
  • de professionele hygiënerichtlijnen die van toepassing zijn.

Siliconen cups

Siliconen cups hebben vaak een relatief eenvoudig ontwerp. Ze hebben meestal geen:

  • ventielen;
  • bewegende onderdelen.

Daardoor zijn oppervlakken vaak gemakkelijk bereikbaar. Wel kunnen olie, massagewax en huidproducten aan het materiaal blijven zitten. Daarom moeten de cups na gebruik zorgvuldig worden gereinigd volgens de instructies van de fabrikant.

Kunststof vacuümcups

Kunststof vacuümcups kunnen bestaan uit:

  • de cup;
  • een ventiel;
  • eventueel losse onderdelen;
  • een aparte pomp.

Dat vraagt extra aandacht bij reiniging. Vooral het ventielsysteem kan moeilijker bereikbaar zijn. Bij professioneel gebruik moet bovendien worden voorkomen dat verontreiniging via het systeem wordt overgedragen. Een praktisch voordeel van transparante kunststof cups is dat zichtbare verontreiniging vaak gemakkelijk kan worden opgemerkt. Belangrijk is dat niet ieder materiaal bestand is tegen:

  • hoge temperaturen;
  • alcohol;
  • agressieve desinfectiemiddelen;
  • sterilisatie.

Volg daarom altijd de reinigings- en desinfectie-instructies van de fabrikant.

Welke cups zijn geschikt voor beginners?

Voor beginners zijn siliconen cups vaak toegankelijk. Voordelen zijn:

  • eenvoudige bediening;
  • weinig onderdelen;
  • snel leren plaatsen;
  • geschikt voor statische én bewegende technieken.

Tegelijkertijd vraagt het doseren van de zuigkracht om gevoel en ervaring. Een beginner kan een siliconen cup gemakkelijk te sterk indrukken. Pompgestuurde cups kunnen juist prettig zijn wanneer iemand:

  • vooral statisch wil werken;
  • de zuigkracht geleidelijk wil opbouwen;
  • meerdere cups tegelijk wil plaatsen.

Welke cup het gemakkelijkst is, hangt daarom ook af van de techniek die iemand wil leren. Voor massage cupping ligt een siliconen cup meestal meer voor de hand. Voor klassieke statische dry cupping kan een pompgestuurd systeem praktischer zijn.

Welke cups zijn geschikt voor therapeuten?

Voor therapeuten is het vaak niet nodig om één systeem te kiezen. Beide systemen kunnen elkaar aanvullen. Een therapeut kan bijvoorbeeld:

  • siliconen cups gebruiken voor bewegende cupping;
  • vacuümcups gebruiken voor statische toepassingen.

De keuze kan per patiënt en behandelgebied verschillen. Een therapeut die veel werkt met:

  • grote bewegende technieken;
  • massage cupping;
  • dynamische huidmobilisatie

zal waarschijnlijk vaker siliconen cups gebruiken. Een therapeut die:

  • meerdere cups tegelijk plaatst;
  • statisch werkt;
  • de zuigkracht stapsgewijs wil opbouwen

kan meer voordeel hebben van een pompgestuurd systeem. Voor professioneel gebruik zijn daarnaast belangrijk:

  • materiaalveiligheid;
  • duurzaamheid;
  • beschikbare maten;
  • reinigbaarheid;
  • beschikbaarheid van vervangende onderdelen;
  • instructies van de fabrikant.

Conclusie

Siliconen cups en pompgestuurde vacuümcups werken beide met negatieve druk, maar verschillen duidelijk in de praktische toepassing.

Siliconen cups:

  • zijn flexibel;
  • worden met de hand ingedrukt;
  • hebben geen pomp nodig;
  • zijn zeer geschikt voor bewegende cupping;
  • kunnen ook statisch worden gebruikt.

Pompgestuurde vacuümcups:

  • zijn meestal gemaakt van stevig kunststof;
  • worden met een handpomp vacuüm gezogen;
  • maken een stapsgewijze opbouw van de zuigkracht mogelijk;
  • zijn vooral praktisch voor statische cupping;
  • zijn geschikt voor het gelijktijdig plaatsen van meerdere cups.

Er is geen universeel beste systeem. De keuze hangt vooral af van:

  • statische of bewegende techniek;
  • lichaamsregio;
  • gewenste controle over de dosering;
  • ervaring van de gebruiker.

Voor veel therapeuten zijn beide systemen daarom complementair. De belangrijkste vraag is niet:

“Welke cup geeft het sterkste vacuüm?”

maar:

“Met welke cup kan ik voor deze toepassing de mechanische prikkel het beste controleren en doseren?”

Meer zuigkracht is daarbij niet automatisch beter. De beste cup is uiteindelijk de cup waarmee de gekozen techniek veilig, gecontroleerd en passend bij de patiënt kan worden uitgevoerd.

Professioneel aan de slag met cupping?

Bekijk de professionele cupping cups en sets van FasciaShop voor een doelgerichte toepassing in de behandelpraktijk.

Bekijk cupping producten